De laatste tijd hoor je het steeds vaker: bijna elk ministerie heeft een “bond-explosie”. In het onderwijs alleen al zouden er tientallen bonden actief zijn. Ministers klagen er openlijk over, en ook bij andere ministeries speelt hetzelfde. Het gevolg is voorspelbaar: eindeloos overleg, versnipperde eisen, moeizaam beleid en steeds sneller spanningen. Maar eerlijk is eerlijk: bonden zijn ook een democratisch recht. Mensen mogen zich organiseren, opkomen voor hun belangen en misstanden aankaarten. Het probleem is dus niet dát er bonden zijn. Het probleem is dat het systeem geen duidelijke spelregels heeft.

Als er geen model is om dit te reguleren, gaat het mis op drie punten:
- Vertegenwoordiging wordt onduidelijk. Wie spreekt namens wie? Een bond met 30 mensen kan net zo hard om de tafel willen als een bond met 3.000 leden.
-Onderhandeling wordt chaotisch. De overheid onderhandelt met te veel partijen tegelijk, waardoor beslissingen vertragen en niemand echt tevreden is.  
- Misbruik ligt op de loer. Zonder regels kan iedereen een bond starten voor macht, persoonlijke belangen of om druk te zetten, zonder echte achterban.

Suriname heeft dus geen “anti-bond” wet nodig. Suriname heeft een pro-democratie wet nodig: regels die bonden beschermen, maar ook zorgen voor orde, kwaliteit en eerlijkheid.

Oplossing: erkenning en representativiteit, niet verbieden
In Europa (en ook in Nederland) zie je vaak een duidelijk onderscheid tussen:
- het recht om een vereniging/bond op te richten (vrijheid), en 
- het recht om officieel namens werknemers te onderhandelen (erkenning/representativiteit).

Dat is een belangrijk verschil. Iedereen mag zich organiseren, maar niet iedereen krijgt automatisch dezelfde positie aan de onderhandelingstafel.

Suriname kan dit ook invoeren met een "Erkenning Model'' voor vakbonden in de publieke sector”:

1) Minimum leden voor officiële erkenning

Maak een drempel, bijvoorbeeld: 
- Een bond moet minimaal X leden hebben binnen de sector/het ministerie (bijv. 5% van het personeelsbestand of minimaal 500 leden – het exacte getal kan per ministerie verschillen). 
- Of: minimaal X% per beroepsgroep (leerkrachten, zorgpersoneel, politie, etc.), zodat een mini-bond niet het hele ministerie kan blokkeren.

Belangrijk: bonden onder de drempel blijven bestaan, maar krijgen een andere rol: ze mogen wel inspreken, klachten indienen en leden vertegenwoordigen, maar zijn niet automatisch hoofdonderhandelaar.

2) Transparantie en controle
Erkenning moet gekoppeld zijn aan basisvoorwaarden: 
- een ledenregister (met privacybescherming), 
- jaarrekening/financiële verantwoording, 
- democratische statuten (verkiezingen, termijnen, interne controle), 
- een onafhankelijke audit eens per 2 jaar.

Zo bescherm je werknemers tegen “papieren bonden” zonder echte achterban.

3) Eén hoofdtafel, meerdere kanalen
Creëer een vaste structuur:
- Hoofdonderhandelingstafel: alleen erkende bonden (die representatief zijn). 
- Consultatieplatform: kleinere bonden, beroepsgroepen en experts kunnen input geven, maar blokkeren het proces niet.

Dit is eerlijk: iedereen wordt gehoord, maar niet iedereen heeft hetzelfde gewicht.

4) Stimuleren van fusies en federaties
Als je 40 bonden hebt in één sector, betekent dat ook dat mensen dezelfde strijd voeren, maar verdeeld. De wet kan fusie stimuleren: 
- extra spreektijd of extra zetels voor federaties (bundeling van bonden), 
- toegang tot trainingen/ondersteuning voor bonden die samenwerken,
- een overgangsperiode waarin bonden zich kunnen verenigen zonder gezichtsverlies.

5) Snelle geschillenregeling
Voer een onafhankelijke Mediation- en Arbitragecommissie in voor de publieke sector. Niet alles hoeft meteen via staking of media. Een snelle, betrouwbare route kan escalatie voorkomen.

Waarom dit democratisch is
Sommigen zullen zeggen: “Maar je beperkt het recht op organisatie.” Nee. Je beperkt niet het bestaan van bonden, je regelt alleen wie officieel onderhandelt namens de meerderheid. Dat is juist democratie: de grootste achterban krijgt meer gewicht, terwijl minderheden nog steeds gehoord worden.

Suriname heeft sterke bonden nodig, maar ook een sterke structuur. Zonder regels blijven we hangen in versnippering, vertraging en steeds terugkerende crises. Met een slim erkenning model minimum leden, transparantie, representativiteit en een duidelijke onderhandelingstafel—kan het land rust, duidelijkheid en respect terugbrengen.

Democratie is niet: iedereen even hard roepen. Democratie is: iedereen mag meepraten, maar besluiten worden gedragen door echte vertegenwoordiging.

Abner Abidie