Wat in november 2024 werd gepresenteerd als een historische correctie van een constitutionele omissie sinds 1975, blijkt bij nadere beschouwing geen hersteloperatie maar een fundamentele herstructurering van de inkomensverhoudingen binnen de Staat. Met het misleidende woord 'synchronisatie' werd een systeem ingevoerd dat de top structureel bevoordeelt, de staatskas zwaarder belast en het maatschappelijk draagvlak ernstig aantast.

Op 12 november 2024 nam De Nationale Assemblee vier wetten aan over de geldelijke voorzieningen van de rechterlijke macht, de president en vicepresident, ministers en leden van DNA. De morele rechtvaardiging was helder geformuleerd: dubbele salarissen zouden verdwijnen, privileges zouden worden teruggebracht, pensioenleeftijden verhoogd, transparantie bevorderd en per saldo zou de Staat financieel beter af zijn. Dat maakten de indieners Asis Gajadien (VHP) en Geneviévre Jordan (ABOP), ondersteund door de coalitie, aan de samenleving wijst. 

Er is echter geen sprake van besparing of van echte harmonisatie. Wat er is ontstaan, is een systeem dat aan de top een dynamische inkomensexplosie mogelijk maakt, terwijl de rest van het staatsapparaat achterblijft. Dat is de consequentie van hoe de wet is geconstrueerd.

Wetgeving zonder financiële waarheid
Tijdens de behandeling werd door de oppositie (NDP, BEP en NPS) herhaaldelijk gevraagd naar cijfers, onderbouwing en scenario’s. Wat zou de totale meerjarige impact zijn? Wat zou het netto-effect zijn inclusief periodieken, dienstjaren, pensioenopbouw en fiscale uitzonderingen?
Die cijfers zijn nooit integraal gepresenteerd. Er werd geen onafhankelijke financiële doorrekening overgelegd. Er werd geen objectieve HRM-waarderingsstudie gepresenteerd over functiezwaarte of internationale benchmarks. Uiteindelijk stemden de VHP, ABOP, PL en BEP vóór. De NDP stemde tegen en de NPS stemde niet tegen, maar verliet bij de stemming de zaal (onthouding). 

In de wet is opgenomen dat leden van de rechterlijke macht elk jaar een verhoging krijgen van 5%. Ook staat er zwart op wit dat bij de inwerkingtreding van de wet de reeds gediende jaren worden meegenomen bij de vaststelling van de bezoldiging. Hier stond niemand bij stil, anders was het toen al duidelijk dat de bezoldiging van sommige leden van de rechterlijke macht al meer dan 5 ton zou zijn, vele malen meer dan het staatshoofd. 
Artikel 5 lid 3 van de wet.


Toch stemden 28 leden vóór. Vier fundamentele wetten over topinkomens werden aangenomen zonder transparante en controleerbare financiële impactanalyse. Dat is geen technische fout. Dat is een bewuste politieke beslissing om te stemmen zonder volledig zicht op de consequenties. Wanneer volksvertegenwoordigers stemmen zonder volledige financiële doorlichting van wetgeving die henzelf en andere topfunctionarissen rechtstreeks raakt, ontstaat onvermijdelijk de perceptie van zelfbediening. En perceptie wordt in politiek al snel werkelijkheid.

Misleiding
De kern van de misleiding zit in de constructie van de rechterlijke bezoldiging. Op papier wordt de bezoldiging gekoppeld aan die van de president, wat het beeld wekt van evenwicht en proportionele verhoudingen. In werkelijkheid is die koppeling slechts het referentiepunt van een systeem dat vervolgens zelfstandig blijft doorgroeien via mechanismen die niet voor alle machten gelden.


De rechterlijke macht kent:
● jaarlijkse periodieken van 5%;
● volledige meeweging van dienstjaren;
● pensioenstructuren die kunnen oplopen tot 100% van de pensioengrondslag;
● fiscale uitzonderingen op hoge toelagen.

● De president kent géén dienstjaren.
● De president kent géén periodieken.
● De president kent géén exponentiële opbouw.

Het resultaat is voorspelbaar: een procureur-generaal met vier decennia diensttijd stijgt structureel boven het referentiepunt uit waarop het systeem zogenaamd is gebaseerd. De bezoldiging is formeel afgeleid, maar materieel overstijgend. Dat is geen synchronisatie. Dat is een asymmetrische groei. En geen van de 51 leden heeft dat publiekelijk gecorrigeerd vóór de stemming.

De beschikking over de salarissenreeks van de rechterlijke macht (zittende magistratuur) is van de president van het Hof van Justitie, Iwan Rasoelbaks, en werd op 3 september 2025 gepubliceerd in het Staatsblad en werkt terug tot 1 januari 2024


Wat DNA niet zag 
Toen bestuurskundige Eugène van der San berekeningen naar buiten bracht, werd zijn analyse aanvankelijk weggezet als onjuist of overdreven. Inmiddels zijn beschikkingen en salarisstroken publiek geworden en bevestigen zij dat de feitelijke netto-inkomens veel hoger uitvallen dan tijdens het debat werd gesuggereerd.

De reactie van initiatiefnemers was geen erkenning van onderschatting, maar ontkenning. Dat maakt de zaak ernstiger. Want dan rest slechts een beperkt aantal mogelijkheden:
● De wetten zijn ingediend zonder volledige technische doorrekening.
● De impact is politiek geminimaliseerd.
● Het parlement heeft nagelaten zijn controlerende taak serieus uit te voeren.

Terwijl deze wetten werden aangenomen:
● kregen ambtenaren een beperkte verhoging;
● kampen leerkrachten met tekorten en achterstanden;
● werkt zorgpersoneel onder extreme druk;
● verdienen griffiers en ondersteunend DNA personeel een fractie van de top.
● DNA-leden ontvangen circa 95.000 SRD netto.

De inkomensstructuur van de Staat is geen evenwichtige hiërarchie meer, maar een disproportionele toren waarbij de verhoudingen tussen de top van het land en de rest van de werkers compleet scheef is geworden. De vakbeweging roert zich enige tijd en vraagt - nog voor deze wanverhouding bekend was - om lotsverbetering. 

De vragen die niet langer vermeden kunnen worden

Als de integriteit van het wetgevingsproces serieus wordt genomen, dan moeten deze vragen ondubbelzinnig worden beantwoord:
● Wat is de totale budgettaire impact van deze wetten over een periode van tien jaar, inclusief periodieken en pensioenverplichtingen?
● Hoeveel stijgt de totale loonsom van de drie machten cumulatief?
● Hoe verhouden de topinkomens zich tot het gemiddelde ambtenarensalaris?
● Waarom is geen onafhankelijke financiële simulatie gepresenteerd vóór stemming?
● Wie heeft de loonreeksen technisch opgesteld?
● Welke rol heeft de rechterlijke macht gespeeld bij de formulering?
● Waarom is het dynamische groeimodel niet expliciet op tafel gelegd tijdens het debat?
● Waarom werd het woord besparing gebruikt zonder cijfermatige onderbouwing?
Zonder antwoorden op deze vragen blijft het vermoeden bestaan dat wetgeving is misbruikt om de top structureel te bevoordelen.

Correctie nodig 

Deze wetten werden gepresenteerd als een historische ordening vóór de vijftigste onafhankelijkheid. Zij dreigen een historische fout te worden als er geen correctie plaatsvindt. De rechterlijke macht verdient een waardige rechtspositie, maar de gevolgen van de wet zijn immoreel en maatschappelijk niet acceptabel. Als het parlement deze kwestie niet corrigeert, corrigeert de samenleving het parlement. En die correctie is zelden vriendelijk. Het vertrouwen in de politiek is met de 'synchronisatie van de drie machten' drastisch afgenomen. Het wachten is nu de stappen die ondernomen zullen worden om deze misdaad te corrigeren.