Amar Ramadhin
Ondergetekende heeft recentelijk publiekelijk verkondigd dat Silvana Afonsoewa, tegenwoordig parlementariër en voorzitter van de vaste commissie Volksgezondheid, in de periode juni 2020 t/m februari 2023 als ambtenaar van het ministerie van Volksgezondheid onterecht salaris heeft ontvangen, zonder daarvoor arbeid te hebben verricht. Deze uitspraak is gebaseerd op feiten. Silvana Afonsoewa heeft zich enorm gestoord aan het feit dat de samenleving door ondergetekende is geïnformeerd over haar onethisch handelen en heeft gemeend niet alleen in de pers, maar ook in het parlement dit te moeten ontkennen en een verdraaiing van de feiten te moeten presenteren. Ik voel mij geroepen deze discussie te beëindigen door in dit artikel de feitelijkheden rondom de kwestie Silvana Afonsoewa te presenteren.

Waar gaat de zaak over?

Afonsoewa was parlementariër namens de NDP in de periode 2015–2020. Nadat zij bij de verkiezingen van 25 mei 2020 niet werd gekozen, heeft zij gesolliciteerd bij het ministerie van Volksgezondheid. Zij werd benoemd in een niet-bestaande functie en is sinds juni 2020 op de loonrol van het ministerie van Volksgezondheid geplaatst door de toenmalige minister, Antoine Elias. Naar haar zeggen was er geen vaste werkplek voor haar (begrijpelijk, want de functie waarin zij werd benoemd, was een niet-bestaande functie) en kreeg zij te horen dat zij “op afroep beschikbaar” moest zijn. Dit besluit is nergens geformaliseerd en is nooit teruggevonden.

In de periode tussen juni 2020 en maart 2023 heeft Silvana Afonsoewa dus salaris ontvangen zonder daarvoor arbeid te hebben verricht. De leiding van het ministerie werd begin 2023 door haar werkarmen geïnformeerd dat Silvana Afonsoewa op de loonrol stond, maar sinds juni 2020 niet op het werk was verschenen.

In maart 2023 werd haar salaris stopgezet en werd haar aangezegd zich te verweren, maar het verweer werd niet steekhoudend bevonden. Afonsoewa heeft in haar verweer niet ontkend dat zij niet heeft gewerkt en heeft niet genoegzaam aannemelijk gemaakt dat de leiding van het ministerie op de hoogte had moeten zijn van de gemaakte afspraken met de vorige minister (Antoine Elias). Het is de plicht van een ambtenaar om persoonlijk verslag te doen van de ambtelijke positie en het functioneren bij een wachtwisseling. Tevens zijn de werktijden van ambtenaren bepaald in de Personeelswet.

Op basis van het verweer heeft de toenmalige leiding niet alleen haar salaris geblokkeerd, maar is Afonsoewa ook geïnformeerd dat zij werd voorgedragen voor ontslag.

Afonsoewa vond dit onterecht en spande een kort geding aan tegen de Staat Suriname om:
● betaling van haar achterstallig loon te verkrijgen (periode maart 2023 – november 2023);
● voortzetting van haar salaris;
● vergoeding van de proceskosten.

De Staat voerde aan dat zij geen recht had op loon, omdat zij geen werk verrichtte, zich nooit heeft aangemeld om de bedongen arbeid te verrichten en dat er nergens een schriftelijke vastlegging was van afspraken zijdens de toenmalige minister Elias.

Het besluit om haar te ontslaan werd niet geëffectueerd, omdat de toenmalige leiding, ondanks het plichtsverzuim, haar in de gelegenheid wilde stellen haar arbeid te verrichten. Daarbij zijn aan Afonsoewa voorstellen gedaan.

De rechter stelde vast:
Als een werknemer niet kan werken door omstandigheden die bij de werkgever liggen, blijft het recht op loon bestaan. Maar de werknemer moet wel aantonen dat zij bereid was om te werken.

De rechter oordeelde dat Afonsoewa niet voldoende heeft bewezen dat zij actief en structureel heeft aangeboden om te werken. Daardoor kan niet worden vastgesteld dat het niet-werken uitsluitend aan de Staat te wijten is.

De kantonrechter:
● heeft de loonvordering van Afonsoewa afgewezen;
● heeft ook de vordering tot doorbetaling van loon afgewezen;
● heeft geoordeeld dat zij geen recht heeft op loon over de periode dat zij niet werkte;
● heeft Afonsoewa veroordeeld in de kosten van het geding aan de zijde van de Staat.

Silvana Afonsoewa heeft de samenleving getracht te misleiden door een volledige verdraaiing van de feiten rond haar functioneren op het ministerie van Volksgezondheid te presenteren. Mevrouw Afonsoewa moet goed begrijpen dat feiten nog steeds de waarheid spreken. Zij heeft het hoogste woord in het parlement wanneer het gaat over functioneren en aanwezigheid van parlementariërs, maar verzwijgt haar eigen onethisch handelen tegenover de Staat. Ik kan niet anders dan concluderen dat Silvana Afonsoewa een dubbele moraal hanteert.

Ik sluit hiermee van mijn zijde deze discussie af.

Amar N. Ramadhin
Voormalig minister van Volksgezondheid

Documenten: