Analyse: Een constitutionele botsing om onderhandse amendementen
De discussie over de voorgenomen hervorming van de rechterlijke macht heeft een opmerkelijke fase bereikt. Het Hof van Justitie en het Openbaar Ministerie (OM) hebben in ongekend scherpe bewoordingen gewaarschuwd voor amendementen die op het moment van hun interventie formeel nog niet waren ingediend bij De Nationale Assemblee (DNA). Maatschappelijke organisaties, advocaten en het bedrijfsleven hebben zich vervolgens achter de zorgen geschaard. Daarmee dreigt een institutionele botsing te ontstaan over voorstellen waarover het parlement formeel nog niet eens beschikt. De vraag is niet of Hof en OM hun zorgen mogen uiten. Die ruimte moeten zij hebben. De wezenlijke vraag is waar noodzakelijke bescherming van de rechterlijke onafhankelijkheid eindigt en beïnvloeding van het wetgevingsproces begint. Dat onderscheid is belangrijk, juist omdat het om de rechtsstaat gaat.
De voorgenomen wijzigingen van onder meer de Grondwet, de Wet Rechtspositie Rechterlijke Macht en het Reglement op de Inrichting en Samenstelling van de Rechterlijke Macht hebben rechtstreeks te maken met de organisatie van de rechtspraak en het OM. Het ligt daarom voor de hand dat Hof en OM nauwlettend volgen wat politiek en parlement met deze wetgeving willen.
Daar is op zichzelf niets vreemds aan. Integendeel: bij zulke ingrijpende hervormingen is het verstandig dat deskundigen en rechtstreeks betrokken instituties worden gehoord. Maar wat zich nu heeft afgespeeld, gaat verder dan een technisch advies of een informele consultatie.
Niet ingediend
In DNA is inmiddels vastgesteld dat de amendementen waarover de commotie is ontstaan niet formeel bij het college zijn ingediend. Assembleevoorzitter Ashwin Adhin heeft dat vrijdag in de openbare vergadering bevestigd. Ook Ebu Jones, een van de initiatiefnemers, verklaarde dat geen dergelijke amendementen waren ingediend. Rabin Parmessar, voorzitter van de commissie van rapporteurs die de wetsvoorstellen behandelt, zei eveneens dat zijn commissie de stukken niet formeel had ontvangen.
Dat betekent niet dat er geen teksten bestaan. Er zijn conceptamendementen opgesteld. Dat gebeurt vaker voordat een amendement formeel wordt ingediend. Teksten worden voorbereid, besproken, gewijzigd en soms opnieuw gewijzigd voordat de initiatiefnemers besluiten welke versie uiteindelijk bij het parlement wordt aangeboden. Starnieuws verneemt dat de betreffende voorstellen binnen coalitieverband zijn besproken. Maar bespreking binnen een politieke coalitie is iets anders dan indiening bij het parlement. En juist dat onderscheid lijkt in de ontstane discussie vrijwel verloren te zijn gegaan.
De voorgenomen wijzigingen van onder meer de Grondwet, de Wet Rechtspositie Rechterlijke Macht en het Reglement op de Inrichting en Samenstelling van de Rechterlijke Macht hebben rechtstreeks te maken met de organisatie van de rechtspraak en het OM. Het ligt daarom voor de hand dat Hof en OM nauwlettend volgen wat politiek en parlement met deze wetgeving willen.
Daar is op zichzelf niets vreemds aan. Integendeel: bij zulke ingrijpende hervormingen is het verstandig dat deskundigen en rechtstreeks betrokken instituties worden gehoord. Maar wat zich nu heeft afgespeeld, gaat verder dan een technisch advies of een informele consultatie.
Niet ingediend
In DNA is inmiddels vastgesteld dat de amendementen waarover de commotie is ontstaan niet formeel bij het college zijn ingediend. Assembleevoorzitter Ashwin Adhin heeft dat vrijdag in de openbare vergadering bevestigd. Ook Ebu Jones, een van de initiatiefnemers, verklaarde dat geen dergelijke amendementen waren ingediend. Rabin Parmessar, voorzitter van de commissie van rapporteurs die de wetsvoorstellen behandelt, zei eveneens dat zijn commissie de stukken niet formeel had ontvangen.
Dat betekent niet dat er geen teksten bestaan. Er zijn conceptamendementen opgesteld. Dat gebeurt vaker voordat een amendement formeel wordt ingediend. Teksten worden voorbereid, besproken, gewijzigd en soms opnieuw gewijzigd voordat de initiatiefnemers besluiten welke versie uiteindelijk bij het parlement wordt aangeboden. Starnieuws verneemt dat de betreffende voorstellen binnen coalitieverband zijn besproken. Maar bespreking binnen een politieke coalitie is iets anders dan indiening bij het parlement. En juist dat onderscheid lijkt in de ontstane discussie vrijwel verloren te zijn gegaan.

Opmerkelijk is dat het Hof zelf in zijn brief duidelijk maakt dat het de status van de stukken kende. Het schrijft dat de laatste amendementsvoorstellen, gedateerd 3 augustus 2026, ongetekend waren en onderhands naar de president van het Hof waren verzonden.
Ook het OM geeft aan dat de laatste amendementen niet formeel aan het instituut ter hand waren gesteld, maar stelt dat de amendementen zijn ingediend bij DNA. Dit is echter onjuist.


Hof en OM beschikken over stukken die zich nog buiten de formele parlementaire behandeling bevonden. Dat maakt hun inhoudelijke bezorgdheid niet minder relevant. Maar het maakt de vorm waarin vervolgens is gereageerd des te relevanter.
Van informeel stuk naar zeer formele waarschuwing
Tegenover de informele status van de stukken staat een uiterst formele reactie. Hof en OM hebben hun bezwaren schriftelijk aan de voorzitter van DNA kenbaar gemaakt. De kwestie kreeg nog meer gewicht doordat de brieven via deurwaardersexploot aan de Assembleevoorzitter werden betekend. Uit het exploot blijkt dat Hof en OM daarbij als rekwiranten optraden. Dat is geen vrijblijvende manier om een mening kenbaar te maken. Daarmee ontstaat een opmerkelijke situatie: niet-formeel ingediende voorstellen krijgen een uiterst formeel institutioneel antwoord. Daarover mag de vraag worden gesteld waarom voor deze route is gekozen.
Wanneer het Hof kennis krijgt van een onderhands concept dat ernstige constitutionele bezwaren oproept, kan het contact zoeken met de initiatiefnemers, regering of Assembleevoorzitter. Het kan wijzen op mogelijke gevolgen, juridisch advies verstrekken of vragen om formeel te worden gehoord zodra de voorstellen worden ingediend. Dat is iets anders dan de situatie die nu is ontstaan, waarin reeds vóór formele indiening zware constitutionele waarschuwingen richting het parlement zijn uitgegaan.
Zware woorden
Ook de bewoordingen zijn niet gering. Het OM stelt dat de voorgestelde amendementen afbreuk doen aan de onafhankelijkheid, slagvaardigheid en het gezag van de rechterlijke macht. Het waarschuwt voor destabilisering van de rechtsstaat en diskwalificeren van de rechterlijke macht.



Wanneer zulke zware woorden door een van de staatsmachten worden gebruikt, moet duidelijk zijn waartegen zij zijn gericht. Op het moment dat deze waarschuwingen werden gegeven, lag de betreffende tekst nog niet formeel voor het parlement. De initiatiefnemers konden hem nog wijzigen, onderdelen schrappen of uiteindelijk besluiten bepaalde voorstellen helemaal niet in te dienen. De waarschuwing liep daarmee vooruit op de formele parlementaire besluitvorming.
Maatschappelijke organisaties volgen
Vervolgens ontstond een tweede beweging. Organisaties uit het bedrijfsleven, advocatuur en andere maatschappelijke geledingen: Vereniging Surinaams Bedrijfsleven (VSB), het Burgerinitiatief voor Participatie en Goed Bestuur (BINI), de Associatie van Surinaamse Fabrikanten (ASFA), de Associatie van Kleine en Middelgrote Ondernemers (AKMOS) en het Centrum voor Goed Bestuur (CGB) schaarden zich achter de zorgen over de rechterlijke onafhankelijkheid. Er werd gewaarschuwd tegen eenzijdige wijzigingen en aangedrongen op overleg en draagvlak.
Ook maatschappelijke organisaties hebben vanzelfsprekend het recht zich uit te spreken. Een sterke samenleving hoort zich juist te roeren wanneer fundamentele rechtsstatelijke waarden in het geding kunnen zijn. Maar kritisch burgerschap geldt niet alleen tegenover regering en parlement. Het geldt óók tegenover gezaghebbende instituties als Hof en OM.
Daarom mag worden gevraagd hoeveel organisaties die zich inmiddels publiekelijk hebben uitgesproken de betreffende amendementen zelf volledig hebben bestudeerd. Wisten zij dat deze nog niet formeel bij DNA waren ingediend? Hebben zij zelfstandig onderzocht wat de status van de stukken was? En hebben zij onderscheid gemaakt tussen bezwaren tegen mogelijke wijzigingen en bezwaren tegen een daadwerkelijk aan het parlement voorgelegd amendement? Gezag van een instituut kan geen vervanging zijn voor eigen beoordeling. Juist maatschappelijke organisaties die zich beroepen op bescherming van de democratische rechtsstaat zouden ook kritisch moeten kijken naar de wijze waarop alle staatsmachten — niet alleen regering en parlement — hun bevoegdheden en institutionele invloed gebruiken.
Dreigende clash
Het grootste risico is inmiddels dat de discussie zichzelf voorbijloopt. Nog voordat DNA de betreffende amendementen formeel heeft ontvangen en voordat een openbaar parlementair debat over de teksten is begonnen, zijn posities ingenomen. Hof en OM hebben zware waarschuwingen afgegeven. Maatschappelijke organisaties hebben steun uitgesproken. Vanuit DNA zijn vervolgens kritische vragen gesteld over de wijze waarop Hof en OM reageren op iets wat het parlement formeel nog niet heeft ontvangen.
Zo kan een constitutioneel debat over de inrichting van de rechterlijke macht veranderen in een strijd tussen instituties. Dat zou bijzonder ongelukkig zijn. De rechterlijke onafhankelijkheid is te belangrijk om lichtvaardig mee om te gaan. Maar hetzelfde geldt voor het primaat en de ruimte van het democratische wetgevingsproces. De rechtsstaat wordt niet alleen bedreigd wanneer politici te veel macht naar zich toe trekken. Zij kan ook onder spanning komen wanneer staatsmachten elkaar buiten de daarvoor bedoelde procedures onder druk zetten.
Daarom moet kritisch worden gekeken naar beide kanten. Onafhankelijkheid werkt naar twee kanten. Hof en OM mogen waarschuwen. Sterker nog: wanneer zij menen dat de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht daadwerkelijk wordt bedreigd, zou zwijgen moeilijk te verdedigen zijn. Maar vanwege hun bijzondere positie rust op deze instituties ook een bijzondere verantwoordelijkheid voor de wijze waarop zij zich in het publieke en politieke domein bewegen.
Rechters beschikken niet over politieke macht in de klassieke betekenis. Hun gezag berust juist op onafhankelijkheid, juridische deskundigheid en institutionele terughoudendheid. Wanneer dat gezag wordt ingezet in een discussie over nog niet formeel ingediende wetgeving, moet daarom ook daarover debat mogelijk zijn zonder dat iedere kritische vraag onmiddellijk wordt uitgelegd als een aanval op de rechterlijke onafhankelijkheid. Dezelfde kritische maatstaf die wordt aangelegd bij president, regering en parlement moet ook kunnen worden aangelegd bij Hof en OM. Dat is geen aantasting van de rechtsstaat.
Het Hof en OM mochten zich natuurlijk uitspreken. De vraag is of de gekozen vorm en zwaarte van hun interventie proportioneel waren tegenover voorstellen die nog niet formeel bij DNA waren ingediend. En vervolgens of maatschappelijke organisaties voldoende zelfstandig hebben onderzocht wat er precies voorlag voordat zij zich in het ontstane front schaarden.
Want wanneer een onderhands concept al kan leiden tot formele waarschuwingen van twee instituties binnen de rechterlijke macht, een deurwaardersexploot aan het parlement, maatschappelijke mobilisatie en een mogelijke confrontatie tussen staatsmachten, nog vóór het parlementaire debat is begonnen, is er reden om niet alleen naar de inhoud van die amendementen te kijken. Dan moet ook worden gekeken naar de macht van de instituties die ertegen in het geweer komen. De rechtsstaat beschermt de rechter tegen politieke macht. Maar de rechtsstaat vraagt ook dat iedere macht — óók rechterlijke en institutionele macht — kritisch kan worden bevraagd.
Vandaag
-
07:04
VVI slaat alarm over verkeersongevallen; politie voert controles op
-
05:06
Warm en benauwd met toenemende kans op onweersbuien
-
03:08
Braziliaanse presidentskandidaten Lula en Bolsonaro starten verkiezingscampagne
-
00:59
Column: Kijk niet weg, ook al doet het pijn
-
00:00
Analyse: Een constitutionele botsing om onderhandse amendementen
Gisteren
- Column: Borrelpraat no. 937
- Een broodje minder, maar mijn mensen moesten betaald worden
- Tweede verkeersdode vandaag; voetganger overlijdt na aanrijding Fredrikshoopweg
- Vreedzaam: Nieuwe cryptowet dreigt dode letter te worden zonder capaciteit CBvS
- Na problemen met resultaten: alle uitslagen leerjaar 10 uiterlijk dinsdag
- India waardeert Kries Ramkhelawan Music Institute voor bijdrage aan culturele band
- Man loopt armfractuur op na slag met honkbalknuppel
- Bromfietser overlijdt na botsing met auto aan Bomaweg
- Gajadien: Reguleer virtuele activa, maar voorkom overregulering
- Vijf jaar verder: Hoe gaat de Taliban om met gewapend verzet?
- Zondag warm en grotendeels droog; lokaal kleine kans op bui
- Anne Marie Wehl krijgt leiding over IOL; Raad van Toezicht blijft transformatie begeleiden
- Revelino Eijk wint met overmacht verkiezing Surinaamse Politiebond
- Parmessar: Cryptosector reguleren, maar kleine ondernemers niet buitensluiten
Eergisteren
- Lions Club Para beloont 25 bestgeslaagden voor uitstekende prestaties
- De prijs van stil water: Saramaccarivier en openbaarheid van bestuur
- Korhopa-Matta krijgt SRD 1 miljoen voor renovatie gemeenschapsruimte
- Elisabeth Samsonhuis na jarenlange restauratie klaar voor nieuwe bestemming
- Technisch defect SLM-toestel leidt tot verstoringen regionale vluchten
- Matta kiest voor zoete bataat nu cassaveteelt onder druk staat
- Onderwijsbonden willen B-richting terug in LBO
- Man dood aangetroffen op open terrein langs Afobakaweg
- Indonesië: Krachtige 7.7 aardbeving bij Flores, minstens 38 doden
- Warm en overwegend zonnig, lokaal kans op een bui
- Brazilië onderzoekt mogelijke tegenmaatregelen na nieuwe Amerikaanse importtarieven
- Vragen in DNA over reactie Hof en OM op nog niet ingediende amendementen
- Man overleden na steekpartij aan Saramaccastraat
- Gouddossier 9: Simons bevriest concessies om grip te krijgen op goudsector