Orlando Olmberg
Misschien is een van de grootste paradoxen van onze tijd dat wij nog nooit zoveel hebben gecommuniceerd, terwijl wij nog nooit zo weinig naar elkaar lijken te luisteren. Overal wordt gesproken: in parlementen, op televisie, tijdens conferenties, in bestuurskamers en op sociale media. Iedereen heeft een mening, iedereen wil overtuigen en iedereen wil gehoord worden. Toch dringt zich steeds vaker een fundamentele vraag op: wanneer werd spreken belangrijker dan luisteren?

Misschien was er nooit één moment waarop dat gebeurde. Waarschijnlijk is het een ontwikkeling die zich door de eeuwen heen heeft voltrokken, telkens wanneer het verlangen om gelijk te krijgen groter werd dan de bereidheid om samen naar de waarheid en naar oplossingen te zoeken.

Door de geschiedenis heen heeft retoriek een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van beschavingen. Grote leiders, filosofen en staatsmannen wisten met woorden mensen te inspireren, samenlevingen te verbinden en verandering in gang te zetten. Zonder visie en zonder de kracht om die visie overtuigend over te brengen, komt een samenleving moeilijk in beweging. Tegelijkertijd begrepen de grote denkers uit de oudheid dat overtuigingskracht pas werkelijk betekenis krijgt wanneer zij wordt gedragen door begrip.

In het oude Griekenland ontstonden twee benaderingen van het publieke debat. Socrates zag de dialoog als een gezamenlijke zoektocht naar de waarheid. De sofisten legden juist de nadruk op de kunst van het overtuigen. Beide benaderingen hebben hun waarde. Maar wanneer overtuigen belangrijker wordt dan begrijpen, verliest retoriek haar fundament.

Retoriek en luisteren zijn daarom geen tegenpolen, maar complementaire vaardigheden van goed leiderschap. Elke grote ontwikkeling begint met een visie die mensen inspireert, overtuigt en richting geeft. Maar naarmate een visie werkelijkheid wordt, verschuift de rol van leiderschap. Dan wordt luisteren minstens zo belangrijk als spreken, omdat duurzame oplossingen alleen ontstaan wanneer verschillende inzichten, ervaringen en belangen samenkomen. Inspirerend leiderschap zet mensen in beweging; luisterend leiderschap houdt hen bij elkaar.

Diezelfde gedachte vinden wij ook terug in Suriname. Binnen veel inheemse en marrongemeenschappen in het binnenland werden en worden belangrijke besluiten genomen na uitgebreid overleg. De krutu is daarvan een bekend voorbeeld: een bijeenkomst waarin betrokkenen eerst hun inzichten en standpunten delen voordat gezamenlijk een besluit wordt genomen.

Juist nu Suriname een nieuwe ontwikkelingsfase ingaat, vraagt dat om een gezonde balans tussen spreken en luisteren. Visie blijft onmisbaar, maar naarmate de vraagstukken complexer worden, groeit ook de noodzaak om kennis, ervaring en verschillende belangen met elkaar te verbinden. Toch ontstaat soms de indruk dat goed leiderschap vooral wordt afgemeten aan de kracht van een toespraak of de scherpte van een debat. Natuurlijk zijn overtuigingskracht en een helder betoog onmisbaar in een democratische rechtsstaat. Maar de kwaliteit van een leider, bestuurder of parlementariër wordt uiteindelijk niet alleen bepaald door de woorden die hij uitspreekt, maar ook door zijn vermogen om anderen werkelijk te horen.

Ik zeg al jaren dat Suriname geen gebrek heeft aan deskundigheid. Wij beschikken over ervaren professionals, ondernemende mensen, een sterke diaspora en jonge talenten die willen bijdragen aan de toekomst van ons land. Daarnaast zijn wij gezegend met natuurlijke hulpbronnen die veel landen niet bezitten. Ons grootste tekort is daarom niet een gebrek aan kennis of mogelijkheden, maar het onvoldoende samenbrengen van de kennis die al aanwezig is. De beste ideeën ontstaan immers zelden in één hoofd, maar juist daar waar verschillende ervaringen, belangen en inzichten elkaar ontmoeten.

Ook Nelson Mandela begreep dat als geen ander. In zijn autobiografie Long Walk to Freedom beschrijft hij hoe hij als jonge man leerde dat een leider tijdens bijeenkomsten niet als eerste, maar juist als laatste spreekt. Eerst luisteren naar iedereen, daarna pas richting geven. Voor Mandela was dat geen teken van terughoudendheid, maar de essentie van verbindend leiderschap.

Het is daarom geen toeval dat de Bijbel ons al eeuwen geleden een tijdloos principe meegaf: "Er is een tijd om te zwijgen en een tijd om te spreken" (Prediker 3:7). Wijs leiderschap schuilt niet in de keuze voor het één of het ander, maar in het vermogen te weten wanneer het tijd is om richting te geven en wanneer het tijd is om ruimte te geven aan de inzichten van anderen.

Suriname staat aan de vooravond van een unieke economische en maatschappelijke ontwikkeling. Dat vraagt om leiders die kunnen inspireren wanneer richting nodig is, maar ook kunnen luisteren wanneer samenwerking noodzakelijk wordt. Want duurzame ontwikkeling ontstaat niet wanneer één stem overheerst, maar wanneer verschillende stemmen elkaar versterken.

Misschien begint de duurzame toekomst van Suriname daarom niet met een betere toespraak, maar met een beter gesprek.

Orlando Olmberg