Oud-president Shankar wordt op 6 november 89 jaar. (Foto's: Jason Leysner; 2025)
In haar bijdrage Een verdiende herwaardering van Ramsewak Shankar op Starnieuws van 7 juni 2026 blaast mevrouw Asha Remesar de loftrompet over auteur en historicus Eric Jagdew en over oud-president Ramsewak Shankar, naar aanleiding van diens biografie Ramsewak Shankar: een technocraat als minister, manager en president in Suriname. Wat echter aan haar bijdrage ontbrak, was de onderbouwing voor de lofprijzing. Daarom deze inhoudelijke bespreking.

Autobiografie 
Het boek is, ‘naar mijn bescheiden mening’, zoals Jagernath Lachmon meestal een vraag begon te beantwoorden, geen biografie maar een autobiografie. In een biografie, zoals Man van het moment – over Henck Arron – lezen we ook wat andere personen vinden van de hoofdpersoon of van gebeurtenissen die gezamenlijk beleefd zijn. In dit boek heeft Shankar zijn levenservaringen in ruim 25 interviews toevertrouwd aan historicus Eric Jagdew, die deze heeft ingebed in de recente geschiedenis van Suriname. Om precies te zijn: vanaf de weg naar het herstel van de democratie, de verkiezingen van november 1987 en de installatie van president Shankar tot aan zijn noodgedwongen aftreden in december 1990.

Biografie of niet, het boek heeft een hoge informatieve en historische waarde. Dankzij Jagdews onderzoek heb ik nu, met kennis van de biografie van Henck Arron, een genuanceerder beeld van de keuzes die eind 1987 door de NPS en de VHP zijn gemaakt voor het presidentschap. Ik betrek hierbij ook mijn biografie van Frank Essed – De Mobilisatie van het Eigene – aangezien enkele NPS'ers Frank Essed als president wilden voordragen. Aanvankelijk was Shankar Lachmons keuze voor het vicepresidentschap. Nieuw vind ik de echte aanleiding voor het veelbesproken Leonsberg-akkoord. Dit was volgens Shankar een uitspraak van Willy Soemita op een Front-bijeenkomst in De Olifant, waarover de militaire top woest was. Soemita zei daar dat er 's avonds geen sterren meer aan de hemel te zien waren, omdat de militairen deze hadden geplukt om op hun epauletten te zetten.

Een Hindostaanse president
Een biografie begint meestal met het gezin waaruit de hoofdpersoon voortkomt en diens jeugd- en schooljaren. Niet deze. Het eerste hoofdstuk is een beknopte geschiedenis van de Brits-Indische contractarbeid, met het accent op geslaagde nakomelingen. We lezen over Hindostaanse ‘pioniers en intellectuelen’ in de kleinschalige landbouw, de gezondheidszorg, het onderwijs en de rechterlijke macht. Dat mondt uit in een overzicht van Hindostaanse afgestudeerden van de AMS tussen 1952 en 1960, waarin de naam Shankar voor het eerst op pagina 49 opduikt, als ‘tijdgenoot’ van de 35 Hindostanen die in genoemde periode het AMS-diploma behaalden. Pas op pagina 73 begint het levensverhaal van de hoofdpersoon.

Met zo'n begin wordt Shankar wel heel erg geframed als Hindostaanse president, terwijl Eric Jagdew ons juist een oud-president als Surinamer presenteert die altijd heeft gewerkt voor het nationale belang van land en volk. Vóór hij president werd, was Shankar van 1971 tot 1981 directeur van de Stichting Machinale Landbouw (SML). Met zijn deskundigheid als landbouweconoom maakte hij het verlieslatende rijstbedrijf weer zeer winstgevend, met zelfs twee oogsten per jaar. Totdat hij in 1981 met zijn voltallige directie opstapte. Aan het eind van pagina 120 schrijft Jagdew dat dit het gevolg was van ‘de rol en macht van de Volksmilitie bij een personeelsaangelegenheid van de SML’. Einde hoofdstuk. Ik wil juist weten wat er gebeurd was. Ik ben nieuwsgierig en bel Shankar.

"Ik ga geen naam noemen, ook al leeft de goede man niet meer, maar het betrof het hoofd Personeelszaken. Een mevrouw had zich bij ons beklaagd over onzedelijkheden tijdens een sollicitatiegesprek en toen hebben wij hem ontslagen. Maar die meneer was ook actief in de Volksmilitie in Wageningen en op enig moment werd ik door Paramaribo gebeld (lees: Bouterse) met de opdracht hem weer in dienst te nemen. Ik heb geweigerd en ben toen met mijn hele directie opgestapt", aldus Shankar.

Daarna ging het overigens bergafwaarts met het rijstbedrijf.

Auteur Roy Khemradj en oud-president Shankar in januari 2025 na afloop van de presentatie van de biografie van Frank Essed.

Onkreukbaar en integer
Deze nader verkregen uitleg typeert het onkreukbare karakter van Shankar. Hij hield zijn rug recht, ook toen hij president was. We realiseren ons onvoldoende dat geen enkele president na Shankar zoveel problemen heeft moeten oplossen, en dit in nauwelijks twee jaar. Jagdew, een narratief historicus, toont ons dit overtuigend aan. Het boek leest als een film die opnieuw wordt beleefd en maakt korte metten met de nog steeds veelgehoorde opvatting dat Shankar een zwakke president was, daarbij grappenderwijs verwijzend naar een verbastering van zijn voornaam: Ram-is-zwak.

In de strijd tegen Bouterse voor volledig herstel van de democratie en de rechtsstaat in Suriname en het terugdringen van de rol van de militairen in het openbaar bestuur, moest Shankar noodgedwongen het onderspit delven. De spanningen liepen vooral op nadat Shankar de bijzondere opsporingsbevoegdheid van de Militaire Politie had ingetrokken. Ook waren de militairen faliekant tegen het voornemen van het staatshoofd om in het nieuwe jaar (1991) de Grondwet te wijzigen. Shankar had hiervoor al een commissie aan het werk gezet.

Deze twee ontwikkelingen vormden de directe aanleiding voor de militaire interventie met de zogenoemde Kerstcoup van 24 december 1990. We lezen ook dat ‘de man van het buigend riet’, VHP-voorzitter Jagernath Lachmon, hierbij een politieke regierol vervulde. Shankar, zich bewust van de oplopende spanningen met de militairen, trotseerde zijn politieke leider en besloot nog vóór de Kerstcoup vervroegde verkiezingen uit te schrijven. De opname van een toespraak met dit besluit lag al klaar voor uitzending, maar werd op de valreep door de militairen in beslag genomen.

Oud-president Shankar had opnieuw zijn rug recht gehouden! Zijn aftreden maakte Shankar niet zelf bekend maar de leiders van het Front voor Democratie en Ontwikkeling. 

Roy Khemradj