Chan Santokhi heb ik in 2006 leren kennen als een bijzonder kundige en toegewijde minister van Justitie en Politie. Vanaf het eerste moment vielen zijn professionaliteit, zijn kalmte en zijn oprechte betrokkenheid bij het welzijn van Suriname en de gemeenschap in de diaspora op.

In de periode dat hij voorzitter was van de VHP, benaderde hij mij persoonlijk met het verzoek een bijdrage te leveren aan de partij en aan Suriname. Hij was zich ervan bewust dat mijn politieke overtuiging eerder in de sociaaldemocratische richting lag en dichter aansloot bij de NDP. Desondanks vormde dit voor hem geen belemmering. Integendeel, het onderstreepte zijn open houding en zijn vermogen om mensen te verbinden, ongeacht ideologische verschillen.

Voor zijn inzet voor Suriname en de diaspora, in het bijzonder in Rotterdam, hebben wij hem destijds mogen onderscheiden met de Diaspora Oorkonde, de Rotterdamse Vier Leeuwenspeld en het SuRo-speldje. Deze onderscheidingen vormden een blijk van waardering voor zijn voortdurende inspanningen om bruggen te slaan tussen Suriname en Nederland.

Wat mij persoonlijk het meest is bijgebleven, is naast zijn bestuurlijke kwaliteit vooral zijn menselijkheid. Ondanks zijn drukke verantwoordelijkheden bleef hij altijd attent en betrokken. Regelmatig deed hij een beroep op mij voor het schrijven van stukken of het uitzoeken van vraagstukken. Daarnaast ontving ik jaarlijks een persoonlijke felicitatie van hem op mijn verjaardag, en bij mijn 50ste verjaardag verraste hij mij zelfs met een prachtig boeket bloemen.

Bijzonder dierbaar is mij de herinnering aan een ontmoeting in Lelydorp, waar hij mij op mijn verjaardag ontving. Ons gesprek duurde voort tot in de late uren, totdat het in Nederland 17 mei werd. Met kenmerkende lichtheid merkte hij op dat het de verjaardag van koningin Máxima betrof en moedigde hij mij aan haar te feliciteren. Bij die gelegenheid was tevens de voorzitter van Satya Dharma Nederland aanwezig.

Toen ik mij inspande om hem voor te dragen voor een Koninklijke Onderscheiding, gaf hij aan dat een dergelijke onderscheiding mogelijk politiek tegen hem gebruikt zou kunnen worden. Dit getuigde van zijn scherp inzicht in de politieke realiteit, maar ook van zijn bescheidenheid. In plaats daarvan stelde hij voor om anderen binnen de VHP in Nederland voor te dragen - een blijk van zijn waardering voor de inzet van anderen.

Onze verstandhouding was persoonlijk en gebaseerd op wederzijds vertrouwen. Hij sprak mij aan met mijn voornaam en ik hem met de zijne. Ons laatste persoonlijke gesprek vond plaats op vrijdag 21 november 2025 in 'De Olifant', waar hij mij bedankte voor mijn inspanningen rond het staatsbezoek van de koning en de koningin aan Suriname, evenals voor mijn betrokkenheid bij de voordrachten voor Koninklijke Onderscheidingen binnen de diaspora en voor personen die in de Republiek Suriname wonen. Op zijn verzoek is een deel van dit gesprek vastgelegd.

Ook het vertrouwen dat hij mij schonk in persoonlijke aangelegenheden was veelzeggend. Toen zijn dochter Shanylla Santokhi afstudeerde aan de Universiteit Leiden en hij daar zelf niet bij aanwezig kon zijn, verzocht hij mij en Ram Rambarstsingh om namens hem aanwezig te zijn, zodat hij via een videoverbinding dit bijzondere moment kon volgen.

Mijn samenwerking met Chan Santokhi heb ik steeds als zeer waardevol ervaren. Ondanks verschillen in inzicht was er altijd sprake van wederzijds respect, vertrouwen en een gedeelde toewijding aan Suriname en haar mensen. Onze vriendschap was oprecht en duurzaam en heeft sinds 2006 standgehouden.

Voor mij blijft hij niet alleen een bekwame bestuurder, maar bovenal een warm, betrokken en integer mens.

Jai Jai Chan
Jai Jai Sarnam


Ramon (Radjkumar) Ramsodit