Assembleelid Jennifer Vreedzaam (NDP)
Suriname staat op een kruispunt. De vraag is hoeveel waarschuwingen, hoeveel afgekeurde exportproducten en hoeveel risico’s voor de volksgezondheid nog nodig zijn voordat de politiek eindelijk erkent dat het voedselveiligheidssysteem ernstig tekortschiet.
Sinds 2020 ligt er een moderne levensmiddelenwet in het parlement en op 6 maart 2026 heb ik de ontwerpwet opnieuw ingediend als initiatief, omdat het volk niet langer kan wachten. Toch constateer ik belemmeringen van autoriteiten die weigeren een voedselautoriteit te erkennen, met woorden als: eerst evalueren, eerst onderzoeken, eerst dit en dat.

In mei 2022 werd nog gezegd dat er “geen reden voor paniek” was over giftige stoffen in groenten. Toch bleek uit onderzoek dat alle onderzochte monsters resten van verboden pesticiden bevatten, waaronder het zeer gevaarlijke Carbofuran (Furodan).
Vandaag, vier jaar later, is er niets veranderd. Op 30 april 2026 werd Surinaamse rode peper afgekeurd door Europa vanwege gevaarlijke pesticidenresiduen. Op 4 mei gebeurde hetzelfde met kouseband. Maar ondanks de notificatie van 30 april is er tot vandaag geen recall geweest en ook geen publieke waarschuwing aan de Surinaamse bevolking, terwijl deze producten gewoon op de lokale markt worden verkocht.

Terwijl LVV en BOG publiekelijk aangeven dat er systemen bestaan voor controle en voedselveiligheid, tonen deze recente Europese notificaties juist het tegenovergestelde aan. Een systeem dat werkt, produceert niet telkens dezelfde incidenten. Een systeem dat correct functioneert, heeft niet bij elke schakel een eigen verdienmodel dat duizenden oplevert en waarvan niemand weet in wiens handen het terechtkomt.

Dit wijst op een structureel probleem binnen ons voedselveiligheidssysteem en brengt de gezondheid van onze eigen bevolking in gevaar. Data binnen de gezondheidszorg wijzen op verhoogde darmkanker en andere aandoeningen.
De Voedingsmiddelenwet dateert uit 1911, een wet die geschreven werd in een totaal andere tijd, lang voordat moderne voedselketens, internationale handel, pesticidecontrole, traceerbaarheidssystemen en wereldwijde voedselveiligheidsnetwerken bestonden.

De nieuwe Levensmiddelenwet 2026 wil daar verandering in brengen.
Deze wet voorziet onder andere in:
• verplichte registratie en erkenning van levensmiddelenbedrijven;
• duidelijke traceerbaarheidsvereisten;
• bevoegdheden voor recalls van gevaarlijke producten;
• transparantie richting de samenleving;
• controle op pesticiden, additieven en contaminanten.

De wet erkent bovendien expliciet dat Suriname rekening moet houden met de geografische en sociaal-culturele diversiteit van het land, inclusief traditionele en inheemse productiepraktijken. Tegelijkertijd benadrukt de wet dat volksgezondheid en voedselveiligheid beschermd moeten worden in alle districten van Suriname. Wat velen echter vergeten, is dat Europa zijn controles steeds verder aanscherpt wanneer landen herhaaldelijk problemen veroorzaken en zich niet houden aan internationale regels. De economische schade voor Suriname loopt niet alleen op; men beseft ook dat voedselveiligheid geen luxe is, maar een basisvoorwaarde voor volksgezondheid, handel en internationale geloofwaardigheid.

En toch blijft het initiatief voor de Levensmiddelenwet weerstand oproepen.
Waarom?
Niet omdat voedselveiligheid onbelangrijk zou zijn, maar omdat een sterke, onafhankelijke voedselautoriteit (NIVS), die al bij wet is goedgekeurd in 2021, bestaande structuren, belangen en machtsverhoudingen verandert. Een voedselautoriteit die bij wet is ingesteld en die politieke loyalisten geen kansen biedt, maar wetenschappers en deskundigen, is tot op de dag van vandaag niet volledig ingevuld of operationeel gemaakt. Vermoedelijk verklaart dat de weerstand tegen ondersteuning van het initiatief voor de Levensmiddelenwet.
Vele vragen omtrent de Voedselautoriteit 2021 zijn gesteld, onder andere waarom het bestuur niet is ingesteld, waarom de nodige financiële middelen zijn uitgebleven en waarom operationele ondersteuning uitbleef, terwijl het uitvoerend ministerie LVV dezelfde instelling verwijt onvoldoende zichtbaar of operationeel te zijn. Dat wijst eerder op duidelijke politieke tegenwerking dan op een gebrek aan noodzaak of visie.
Maar voedselveiligheid wacht niet op politieke discussies.
Pesticiden wachten niet op bureaucratie.
En gezondheidsrisico’s houden geen rekening met politieke gevoeligheden.

De Surinaamse bevolking verdient veilige voeding. Exporteurs verdienen een betrouwbaar controlesysteem. Producenten verdienen begeleiding en ondersteuning. En Suriname verdient moderne wetgeving die past bij de realiteit van 2026 — niet die van 1911.
De recente afkeuringen door Europa zijn geen aanval op Suriname.
Ze zijn een wake-upcall.

De echte vraag is nu:
Hoeveel waarschuwingen hebben wij nog nodig voordat we eindelijk handelen?
Wie niet begrijpt dat een a-politieke houding essentieel is voor het waarborgen van volksgezondheid, voedselzekerheid, economische stabiliteit en voedselveiligheid, hoort niet op een ministeriële stoel. Mooie plannen ten spijt voor agrarische beurzen en het openen van staatsverwerkingsunits voor fruit (MCP), terwijl er nauwelijks besef lijkt te bestaan van hoeveel pesticidenresiduen aanwezig kunnen zijn op fruit en groenten en hoeveel daarvan uiteindelijk door het Surinaamse volk wordt geconsumeerd.

Jennifer Vreedzaam
Lid van De Nationale Assemblée