Sommige uitspraken zijn zo ongelukkig dat zij een eigen leven gaan leiden. Dat overkomt ook VHP-assembleelid Cedric van Samson. Na het beluisteren van het volledige radio-interview op Stanvaste Radio in Amsterdam kan moeilijk anders worden geconcludeerd dan dat de volksvertegenwoordiger de mist is ingegaan. Een politicus mag scherpe kritiek leveren op een president. Dat is zelfs zijn taak. Maar de woorden van Van Samson wekken wel degelijk de indruk dat het probleem niet alleen het functioneren van de president was, maar ook haar vrouw-zijn.

Sindsdien probeert Van Samson zijn uitspraken te nuanceren en uit te leggen wat hij wel en niet heeft bedoeld. De discussie in de samenleving laat echter zien dat die uitleg de onrust niet heeft weggenomen. Misschien komt dat omdat de discussie allang niet meer alleen gaat over wat van Samson precies heeft gezegd, maar vooral over wat zijn woorden bij veel mensen hebben opgeroepen.

Juist daarin is er voor de parlementariër de kans om, niet zijn uitspraken eindeloos te blijven verklaren, maar om leiderschap te tonen. De kracht van een politicus, die het uiteindelijk moet hebben van het vertrouwen van de burger, schuilt niet alleen in het uitspreken van overtuigingen, maar in het nemen van verantwoordelijkheid wanneer woorden anders landen dan bedoeld. Cedric van Samson kan vandaag groter worden dan zijn woorden.

Van Samson zal moeten beseffen dat zijn uitspraak inmiddels niet meer alleen gaat over het bekritiseren van het beleid of de bestuursstijl van president Jennifer Simons. Zij heeft een veel bredere discussie blootgelegd: die over gendergelijkheid en de plaats van vrouwen in het openbaar bestuur. Dat is geen nieuwe discussie. Het is een debat waarvan velen dachten dat het, althans in die vorm, achter ons lag.

De uitspraak gaat, misschien nu meer dan eerder over elke vrouw die politieke ambities heeft of een publieke functie wil bekleden. Juist in Suriname, waar vrouwen een lange weg hebben afgelegd om volwaardig deel te nemen aan het openbare leven, ligt dat bijzonder gevoelig. Nog geen tachtig jaar geleden hadden vrouwen geen kiesrecht en werden zij juridisch als handelingsonbekwaam beschouwd. Zij mochten zonder toestemming van hun echtgenoot nauwelijks zelfstandig rechtshandelingen verrichten. De weg naar politieke gelijkwaardigheid is niet vanzelfsprekend geweest.

Die ontwikkeling heeft zich niet alleen in Suriname voltrokken. Internationaal is decennialang gestreden voor gelijke rechten en gelijke kansen voor vrouwen. Een belangrijk moment daarin was de Vierde Wereldvrouwenconferentie van de Verenigde Naties in Beijing in 1995. Ook Suriname onderschreef de Beijing Declaration and Platform for Action. Een van de centrale uitgangspunten daarvan is dat vrouwen en mannen gelijke kansen moeten hebben om deel te nemen aan het politieke en openbare leven.

De uitspraak van Van Samson staat haaks op een beginsel waaraan ook Suriname zich internationaal heeft verbonden: politieke functies behoren open te staan voor iedereen, ongeacht geslacht. Dat betekent niet dat vrouwen betere bestuurders zijn dan mannen. Evenmin betekent het dat een vrouwelijke president niet stevig mag worden bekritiseerd. Maar kritiek moet gaan over beleid, bestuurlijke keuzes en leiderschap, niet over het geslacht van degene die het ambt bekleedt.

De discussie heft ook te maken met het beginsel van vrijheid van meningsuiting. Mag Van Samson zeggen wat hij heeft gezegd? Het antwoord daarop is eenvoudig, ja. Vrijheid van meningsuiting behoort tot de fundamenten van iedere democratische rechtsstaat. 

Maar vrijheid van meningsuiting is nooit hetzelfde geweest als vrijheid van gevolgen. Sterker nog, ook dat grondrecht kent grenzen. Het recht beschermt burgers tegen willekeurige censuur door de overheid, maar geeft niemand een vrijbrief om alles te zeggen zonder daarop te worden aangesproken. Wie gebruikmaakt van die vrijheid, draagt ook verantwoordelijkheid voor de gevolgen van zijn woorden. Vrijheid zonder verantwoordelijkheid verliest haar betekenis en dreigt vrijblijvendheid te worden. Dat geldt voor iedere burger. Maar des te meer voor een volksvertegenwoordiger.

Een Assembleelid spreekt immers niet alleen als privépersoon. Hij spreekt als wetgever en als vertegenwoordiger van het Surinaamse volk. Daarom wegen zijn woorden zwaarder. Niet omdat hij minder rechten heeft dan een ander, maar omdat zijn verantwoordelijkheid groter is. Juist daarom heeft van Samson vandaag een kans. Niet om zijn woorden opnieuw uit te leggen of te blijven discussiëren over context en interpretatie, maar om leiderschap te tonen.

In de politiek wordt een excuus vaak gezien als een teken van zwakte. Alsof het erkennen van een fout betekent dat een standpunt wordt prijsgegeven. Het tegendeel is waar. Wie verantwoordelijkheid neemt voor zijn woorden, laat zien dat hij het ambt dat hij bekleedt begrijpt. Een eenvoudig excuus zou Van Samson niet kleiner maken. Integendeel.

Het zou laten zien dat hij begrijpt dat woorden soms verder reiken dan de bedoeling van degene die ze uitspreekt. Dat hij inziet dat een ongelukkige formulering een debat kan losmaken dat hij misschien nooit heeft beoogd. Dat hij het verschil kent tussen vasthouden aan een politieke overtuiging en vasthouden aan een ongelukkige formulering.

Sterk leiderschap betekent niet dat er nooit fouten worden gemaakt of iets verkeerds wordt gezegd. Sterk leiderschap onderscheidt zich juist door moed te tonen de fouten te erkennen. Het politieke spel is hard en samen met sociale media wordt iedere misstap breed uitgemeten en vergroot. Juist daarom moet het vermogen aanwezig zijn om eenvoudig te zeggen: "Dit had ik anders moeten formuleren." 

Uiteindelijk gaat deze discussie niet alleen over Cedric van Samson. Het gaat ook om politieke cultuur waarin gelijk belangrijker is dan verantwoordelijkheid. Of een cultuur waarin leiders begrijpen dat gezag niet alleen wordt opgebouwd met woorden, maar ook met zelfreflectie. Cedric van Samson kan vandaag groter worden dan zijn woorden. Misschien is juist dat ene woord... SORRY, vandaag de grootste politieke overwinning die hij kan behalen.

Wilfred Leeuwin