Volksvertegenwoordiger Poetini Atompai (NPS) heeft vier wijzigingswetten ingediend die moeten leiden tot aanpassing van de omstreden geldelijke voorzieningen van de drie machten. De voorstellen zijn mede ondersteund door NPS-fractieleider Jerrel Pawiroredjo.

De initiatiefwetten komen op een moment dat de bezoldiging van de drie staatsmachten het publieke debat domineert. De maatschappelijke verontwaardiging over de hoogte van salarissen, toelagen en pensioenregelingen vormde de directe aanleiding voor de herzieningsvoorstellen. Atompai had eerder tegenover Starnieuws aangegeven dat hij met initiatiefvoorstellen zou komen om de wetten aan te passen. Hij heeft de ondersteuning gekregen van zijn fractieleider. 

President als inkomensplafond
In het voorstel tot wijziging van de wet geldelijke voorzieningen van de president en bicepresident wordt een duidelijke bovengrens geïntroduceerd: niemand in de publieke sector mag meer verdienen dan de president. Onder “totale bezoldiging” vallen niet alleen het basissalaris, maar ook toelagen, vergoedingen, bonussen en andere geldelijke voordelen.   

De voorgestelde verhoging van de presidentiële bezoldiging naar 500% van het salaris van een departementsdirecteur van de Algemene Dienst beoogt mede deze scheefgroei te corrigeren. Door de President een bezoldiging toe te kennen die in overeenstemming is met zijn constitutionele positie, wordt een signaal afgegeven dat de waardering voor dit ambt in lijn is met de zwaarte en verantwoordelijkheden ervan. Tegelijkertijd wordt hiermee een referentiepunt gecreëerd dat als basis kan dienen voor een herijking van de beloning van andere hoge functionarissen, waaronder leden van de rechterlijke macht, in het kader van de beoogde synchronisatie.

Het herstel van deze evenwichtige verhouding draagt bij aan de interne consistentie van het rechtspositionele stelsel en versterkt de transparantie jegens de samenleving. De burger mag verwachten dat de beloning van de hoogste staatsfunctionarissen een zekere proportionaliteit en logica vertoont, en dat de President als eerste dienaar van de Staat daarin een passende plaats inneemt. De voorgestelde wijziging van artikel 3 is dan ook niet slechts een verhoging van een percentage, maar een correctie van een onwenselijke scheefgroei en een versterking van de constitutionele verhoudingen.

Daarnaast wordt het basissalaris van de president aangepast om de hiërarchische verhoudingen binnen het staatsbestel te herstellen. Tegelijkertijd worden diverse toelagen – waaronder representatie-, telecommunicatie- en bestuurstoelagen – aanzienlijk verlaagd.

Aanpassingen bij DNA

Voor De Nationale Assemblee wordt onder meer expliciet vastgelegd dat leden een pensioenpremie van 10 procent afdragen. Ook worden verschillende bestuurs- en managementtoelagen verlaagd. Verder wordt een duidelijker en gemaximeerd systeem ingevoerd voor vervoersvergoedingen, met controlemechanismen en een plafond per maand.

Ministers

Ook de wet geldelijke voorzieningen ministers wordt aangepast. In de voorstellen worden toelagen herzien en wordt aansluiting gezocht bij het presidentiële inkomensplafond, zodat een uniforme en beheersbare bezoldigingsstructuur ontstaat.

Rechterlijke macht: schrappen en verduidelijken
De wijziging van de Wet Rechtspositie Rechterlijke Macht geldt als het meest gevoelige onderdeel. Juist de bezoldiging binnen de rechterlijke macht leidde tot stevige maatschappelijke kritiek.

In de memorie van toelichting wordt uiteengezet dat bepaalde bepalingen worden geschrapt of aangepast omdat zij in de praktijk hebben geleid tot een ongewenste cumulatie van toelagen en een doorwerking die verder ging dan oorspronkelijk beoogd. Volgens de initiatiefnemers zijn sommige formuleringen te ruim geïnterpreteerd, waardoor de totale bezoldiging aanzienlijk hoger uitviel dan maatschappelijk uitlegbaar werd geacht.

Met de voorgestelde wijzigingen wordt beoogd
:
● de salarisstructuur te verduidelijken,
● cumulatieve effecten te beperken,
● en de bezoldiging weer in lijn te brengen met proportionaliteit en begrotingsdiscipline.

Politieke lading

De vier wetten die in november 2024 zijn aangenomen, werden destijds gepresenteerd als onderdeel van een synchronisatie van de geldelijke voorzieningen van de drie machten. In de praktijk leidde de uitvoering echter tot forse kritiek en een breed gevoel van onrechtvaardigheid binnen de samenleving.

Met de nieuwe wijzigingsvoorstellen proberen de initiatiefnemers correcties aan te brengen en het vertrouwen te herstellen. De verdere behandeling in De Nationale Assemblee zal moeten uitwijzen of er voldoende politieke steun is voor aanpassing van de bestaande wetgeving.